COPD:  hoeft voor velen niet langer meer gevreesd!

  COPD Niet langer meer fataal. Nieuwe onderzoeksresultaten verschaffen beter inzicht in de ontstane beperkingen van uw longen. Maar ook is kennis opgebouwd hoe  beperkingen voor mensen met COPD kunnen worden verminderd of zelf opgeheven. In tegenstelling tot wat door "hulpverleners" wordt beweerd: het is absoluut niet noodzakelijk dat u er aan overlijdt,behoudens enkele uitzonderingen. Wel kan het noodzakelijk zijn dat voor of met u passende maatregelen worden getroffen. Sommige maatregelen zijn van tijdelijke aard. Andere oplossingen zijn meer structureel.  Ook al zeggen artsen geen oplossing te kennen. Velen hebben  hun gebrek aan proceskennis van de ademhaling.     Maar voor u bestaan die oplossingen wel!!!!

Een patiente uit een "ernstig astma" gezin verkreeg een ingreep in, let op, in 1956 op 45 jarige leeftijd. de Patiente behaalde uit eindelijk de leeftijd van 87 jaar. De rest van haar familie haalde net de 65 jaar.

 

COPD de foute en onjuiste benaming:

COPD is een onjuiste, slecht geformuleerd onbegrepen verzamelnaam. Een samenraapsel van fysieke beperkingen van de ademhaling in het menselijk lichaam en de omgeving buiten het lichaam. Een benaming, die net als eerder bij de naam CARA, de lading niet dekt, maar meer staat voor een soort potjeslatijn. COPD is de duiding van een verzameling constateringen, die slechts de locatie (longen) en aspiratie (ademhaling) gemeen hebben. COPD en astma  zijn twee geheel verschillende verschijnselen waarbij het lichaam disfunctioneert. Beide verschijnselen kunnen samen tegelijkertijd voorkomen. maar vaker is het een het gevolg van het ander. Voor kenners van het inspiratieproces is het onderscheid is zeer goed te maken maar ook door een terzake deskundige, Uzelf. 

 

COPD is geen ziekte, maar een toestand. 

Copd, de c is niet chronisch, de o is niet obstructive en de d van desease is lang niet altijd een ziekte, maar meer een status. Een toestand waar in het lichaam komt te verkeren naar mate de houder van dat lichaam ouder wordt en / of de longen meer zijn vervuild. En o ja het gaat over longen. voor ouderen maar ook voor jongeren geldt: Het lichaam veroudert en ondervindt slijtage en afbraakproblemen, wordt kleiner of raakt (ernstig) vervuild. Uiteraard zijn combinaties mogelijk. ook kan vervuiling aanleiding geven tot obstructies. De benaming COPD is dan ook in heel veel gevallen onjuist. Er wordt door de "kenners" te gemakkelijk en te kwistig mee gestrooid. Het enige dat van de benaming klopt is de p van Pulmen (longen).

In de basis zijn er een paar mogelijkheden: 

het lichaam werkt goed: u heeft geen last met ademen

het lichaam werkt niet  : u gaat heel snel dood. 

De meest voorkomende toestand:  Het lichaam werkt minder goed of uw omstandigheid zijn minder goed (denk aan cacaosnuivers) : U leeft, maar ervaart hinder. Deze hinder kan veroorzaakt worden door:

1)  longen die (ernstig) met vuil gevuld zijn. Waar vuil zit kan geen lucht worden opgenomen.

2)  longen waarbij van buitenaf de opname van lucht onmogelijk wordt gemaakt of waar vuil in de lucht opname bemoeilijkt. De longinhoud wordt kleiner bij het ouder worden.

3)  longen die ten dele stuk zijn. Lek zijn. herstel is hierbij moeilijk doch ook hier niet onmogelijk.

4)  longen die wel functioneren maar waar in de toe en af voer van lucht obstructies voor komen. de vraag is dan altijd wat zijn dit voor obstructies en zijn ze verwijderbaar.  

5) ook kunnen combinaties van de hiervoor genoemde verschijnselen voorkomen.

 

Gebrek aan interesse door de medici en meer!

COPD. wordt maar niet opgelost door gebrek aan inzicht van de medische “deskundigen” omdat grote delen van de bijbehorende fysieke processen niet tot hun opleiding / werkgebied behoren. Er werd medicijnen gestudeerd (doosjes schuiven)  en geen techniek. Genoemde “deskundigen” ontbreekt het aan die benodigde noodzakelijke kennis. Om toch een mening te ventileren gaan de medici gissen en vooral fantaseren. er bestaan boeken vol fantasieplaatjes. Er ontstaan antwoorden met een hoog Andersen en Grim gehalte. Sprookjes dus.

En farmaceuten die wel onderzoek kunnen betalen, willen of kunnen voor COPD geen oplossing bieden, omdat ze er te weinig aan kunnen verdienen en de werking van de ademhaling ook niet begrijpen. En niet onbelangrijk voor de farmaceut: “Een dergelijke oplossing brengt zijn huidige drugsomzet in gevaar”. En dát wil de farmaceut niet. Hij zal de ontwikkeling proberen te verhinderen.

 

Astma : oorzaak en werking :

De basis van Astma is de ervaren hinder van een of meer lichaamsreacties in een jong lichaam op een te veel aan ingeademd zuur, vocht, vuil en elektrische ladingen of combinatie van genoemde stoffen en/of signaalmoleculen als hormonen, feromonen van uit de dampkring veroorzaakt door hoofdzakelijk zure zeer fijne hygroscopische verbrandingsproducten van vliegtuigen, schepen en verkeer in de omgeving ( zie ook Contrails en Scheepswolken: wiki), vulkaanuitbarstingen en in de herfst de biologische zure vergisting in de regio, maar ook van mensen, flora en fauna.  Daaronder ook smog en elektrosmog. Voor wie met elektrosmog onbekend is. Dat zijn de invloeden van elektromagnetische verschijnselen als zenders, hoogspanningskabels / masten, telefoons, WIFI, tablets en computers. Ook de zg "Openhaardrook" is een grote vervuiler, waarbij die vervuilde rook en smog vaak lang laag bij de grond blijft hangen en dus door anderen letterlijk wordt geproefd.

Human body filters

Astma heeft dus te maken met de (on)voldoende werking van de Human Body Filters (HBF) en de verstoring van de electrotechnische werking in de longen bij een ieder aanwezig of door overbelasting veroorzaakt door  bovenmatige vervuiling door niet natuurlijke stoffen en/of signalen. Kenmerk: het borstkasvolume is toereikend maar ook beperkend voor goed functionerende longen.

Op het moment dat de omgevingsfactoren van de astma-invloeden op het lichaam veranderen of worden veranderd, verandert voor genoemd lichaam de ervaren hinder van de astma of genoemde hinder kan geheel verdwijnen. Astma is geheel reversibel. De mate van invloed wordt dus bepaald door factoren welke het lichaam van buitenaf  beïnvloeden.

 

Wat is COPD dan wel?

Er ontstaat immers ook een zuurstof tekort net als bij astma. De basis van COPD lijkt veel op de verschijnselen voorkomend bij astma, maar heeft directe fysieke oorzaken door een gebrek aan ruimte voor ventilatie / opname van lucht in de longen. Kenmerk: het borstkasvolume is Niet toereikend voor voldoende opname van zuurstof zo als mag worden verwacht bij goed functionerende longen.

Er zijn ook andere aandoeningen in de longen die soms gemakshalve ook geduid worden als copd. bijvoorbeeld longemfyseem en Cystic fibrose. Hoe wel er een aantal kenmerkende overeenkomsten zijn, zijn er toch grote verschillen. En zo zijn er nog meer maar onbekender aandoeningen te noemen. Daarop ga ik hier voorlopig niet in.

 

De meeste mensen hebben last van veranderingen van het lichaam bij het ouder worden. Een er van is Bodydeformation Area Inflatable Reduction (BAIR) = externe COPD.

Bij het ouder worden van de mens en door slijtage wordt de mens kleiner dan toen hij jong was. Door het inzakken van de wervelkolom, kleiner worden van die mensen wordt het beschikbare volume van de borstkas kleiner. Vaak door toegenomen chronisch belasting van de rug. Dat kan zijn uit arbeid, uit gewichtstoename (groter wordende borsten, buikvet en ander vet), maar ook klemmende kleding. De in de borstkas aanwezige longen en het hart zijn eerder met de vergroting mee gegroeid en worden nu niet kleiner waar de borstkas dat wel wordt. En dus worden genoemde organen samengeperst door genoemde belastingen in de door de zwaartekracht naar omlaag gedrukte borstkas. En daardoor, door het verminderen van de beperkter beschikbare ruimte én de vormverandering van de longen en het aanwezige hart, is er voor de inflatoire ruimten in de longen minder volume om lucht te kunnen bevatten beschikbaar. dit is dus BAIR.  De resterende slecht geventileerde ruimten zijn een grote voedingsbodem voor talrijke infecties

Er kan minder zuurstof worden ingeademd en dus minder koolstof worden verwijderd. het lichaam bevat dan te veel gifstoffen waardoor minder arbeid kan worden geleverd. 

Met andere woorden: Er kan wel lucht de met kraakbeenringen versterkte bronchiale ruimten binnen komen, maar het wordt moeilijker om de noodzakelijke drukval over het Matolokanaal te realiseren. Omdat de ruimte achter genoemde kanalen langzaam aan, maar uiteindelijk aanzienlijk, veel kleiner is geworden. Een onvoldoende drukverschil over het Matolo kanaal betekent verminderde en uiteindelijk onvoldoende zuurstofafscheiding én dus te weinig zuurstof en dus te weinig vermogen(P) om zuurstof tegen de bloeddruk in de bloedbaan in te persen.

De voornaamste gronden voor de verandering van de borstinhoud zijn:

1. kleiner wordende kraakbeenschijven, vormverandering ribben, waardoor inzakken thoraxvolume. (belasting)

2. "middenrifscheur” lees te grote opening tbv. slokdarm in het middenrif waardoor gedeeltelijke instulping buikinhoud in borstkas: vermindering thoraxvolume door binnendringend materiaal van de buikinhoud.

3. hartvergroting (wegens meer inspanning) laat minder ruimte beschikbaar voor longfunctie

4. de mindere werking ademhalingsspieren.

5. vermindering inhoud door toegenomen vervuilde vulling  (ademen met een "te volle stofzak")

 

En ook de vormverandering: 

5. het uitzakken en veranderen van de vormvastheid van de longen

6. in de tijd opgedane beschadigingen en herstel van wondjes waardoor “minder flexibel” longweefsel is ontstaan. Deze beschadigingen kunnen ook leiden tot volledige uitval van delen van de longen. Omdat de zuurstof-koolstofdioxideuitwisseling bestaat uit een enorme hoeveelheid parallel werkende processen in even zovele Matolo-kanalen en alveolairen heeft uitval grote nadelige invloed op het totaal opgenomen o2 volume door het lichaam. Beschadigde kanalen door hoesten hebben grote nadelige invloed op de o2 segregatie en o2 opname. Er is immers een lek. Sterker nog door het disfunctioneren van de genoemde segregatie en mogelijk door lekkage over het Matolokanaal heel loopt ook de werking van de goed functionerende longdelen sterk terug.  

Opmerking. Er kunnen ook nog andere redenen zijn van mindergoed functionerend longweefsel. te stug, te hard, te week, niet meer de borstkas volgend. te veel obstructies in de kanalen

Belangrijk: goed functionerende delen van de long worden bij COPD veel minder effectief gebruikt. daar kan wat mee gedaan worden!

 

Grofweg kunnen de longen in drie delen worden opgedeeld:

A. met kraakbeen ondersteunde delen, met spierweefsel ondersteunde delen en 

B. de flexibele delen waarin de daadwerkelijke scheiding van vuil, zuurstof en gasuitwisseling plaats vindt.

C. het inflatore deel van de longen dat na genoemde passage de langsgestroomde lucht moet kunnen bevatten. 

In de neus en het bij A genoemde deel vindt het eerste deel van het BHF plaats.   

Samengevat: Door voornoemde veranderingen in de loop van de levenscyclus verkleint het beschikbare borstvolume waardoor onvoldoende beschikbare inflatieruimte voor de longen in de borstkas is, ook als de ademhalingsspieren geheel worden aangehaald. dat kan zijn door interne of externe oorzaken. Na genoemde volumevermindering is er te veel aan onvoldoende effectief functionerend longweefsel. Door uitzakking van de longen betreft genoemde thoraxvolumeverkleining de onderzijde van de longen en daar zit nu juist de (gescheurde) middenrifspier en het groter wordend hart  die voor optimale onderdruk moet zorgen.

 

De oplossing voor het gebrek aan beschikbare ruimte ( = ruimte geven om te kunnen functioneren) is puur mechanisch en vraagt om een eenvoudige ingrepen:

  1. herstel door restauratie het oorspronkelijk beschikbare volume.
  2. verminder een deel van de longmassa, en wel zodanig dat het overgebleven deel weer net zover kan uitzetten als vroeger in het begin der volwassenheid.
  3. doe niks, vervuil het lichaam met luchtwegverwijders en de patiënt gaat vanzelf dood nadat zeer veel aan de medicijnen is verdiend.  Dat doet de long arts in het flevo en vele arsten in Nederland met hem.

Bij de oplossingen 1 en 2 kan de patiënt goed herstellen en zijn oude taken grotendeels weer uitoefenen. 

Oplossing 1: herstel, al dan niet in stappen, de verloren gegane lichaamslengte in de thorax door kraakbeen schijven op te dikken of door dikkere schijven te vervangen en / of vervanging van langere, eventueel uitschuifbare, rugwervels. De inflatore ruimten kunnen dan weer normaal ventileren. De long kan weer functioneren als vanouds. 

Oplossing 2:  “Laat een deel der samengedrukte niet werkzame longen (vaak onderin) niet mee doen met de ademhaling, opdat andere delen over meer ventilatieruimte kunnen beschikken. En dus beter kunnen functioneren.” Dit is mogelijks door een deel der bronchiale kanalen dmv een klepje af te sluiten. deze techniek is al tien jaar bekend. Tijdsduur van de ingreep ca 20 minuten per klepje. De metingen vooraf dienen aan te geven waar precies de minder functionerende longdelen zich bevinden. Ook door infecties afgesloten delen kunnen in aanmerking komen voor afstoting. De long kan weer functioneren als vanouds, maar kan minder zuurstof dan eerder opnemen. Er wordt vermogen (arbeidsprestatie) ingeleverd.

 

Beter functioneren:

Daartoe moet een zekere minimale ΔP worden bereikt tijdens de inspiratie over het Matolo-kanaal om de segregatie O2-N2 goed te laten functioneren én er moet een voldoende sterk "veld" worden opgebouwd in het Matolo-kanaal verlengd naar het daar achterliggende ionenkanaal om genoemd ionenkanaal te doen openen én de zuurstof door genoemd kanaal te persen tegen de bloeddruk in. Bekende techniek dus, althans bij diverse technici. Het Matolo-kanaal ligt onmiddellijk achter de kanalen van Lambert. En wellicht zijn er nog meer delen die overeenkomstig functioneren. ( ik kon ze niet ontdekken.)

Met contracties in laatstgenoemde Lambertkanalen is het mogelijk de rotatiefrequentie te sturen van genoemde rotaties en daarmee het segregatievolume. bijvoorbeeld bij inspanningen als sporten. Nadat de inspiratielucht het Matolo-kanaal is gepasseerd moet er voldoende volumeruimte aanwezig zijn in de alveolaire ruimten om doorstroming via de poriën van Kohn van ingenomen lucht te kunnen waarborgen. Het is deze ruimte die bij COPD door genoemde gronden steeds kleiner wordt en de patient dwingt tot sneller ademen. En daarmee wordt het totaal mogelijk te inhaleren volume steeds geringer. En de tijd waarin de ΔP gehandhaafd blijft korter. Ook de CO2 exhaustpulsduur wordt korter.

 

Oplossing 2 voor de COPD patient: 

Creëer meer ruimte voor goed functionerend longweefsel. Dat kan worden vastgesteld door zg drukverschilmetingen. Voor een goed beeld met scanapparatuur dient het lichaam zich in de werkhouding dus vertikaal te bevinden. Dmv. het plaatsen van zogenaamde longkleppen (éénrichtingventielen) is het mogelijk om een of meer van de 19 kraakbeenkanalen ( of mogelijk nog dieper zolang er maar kraakbeen zit om de klep(pen) te kunnen vastzetten) te kunnen af te sluiten voor de inkomende luchtstromen. Nog zachter materiaal kan mogelijk leiden tot irritaties. Is de sectie eenmaal "verdroogd" kan de klep mogelijk weer worden weggenomen, mocht daartoe reden bestaan. (bacteriegroei). Door zo te doen verdeelt de onderdruk het beschikbare luchtvolume in de borstkas zich over de resterende longpartities en wel zodanig dat de resterende partities beter gaan functioneren, doordat over minder partities een grotere ΔP kan worden bereikt over het Matolo-kanaal. Er kan immers meer lucht doorstromen en dus O2 afscheiden. De afgesloten longsecties zullen immers geen lucht opnemen, steeds minder meerekken en uiteindelijk verschrompelen. Bij uitademing zal resterende lucht door het ventiel naar buiten worden geperst en verdwijnen uit genoemde afgesloten longruimten. Ook kunnen genoemde kleppen worden ingezet om lekkende Matolo-kanalen ontstaan door hoesten buitenwerking te stellen.  Uiteindelijk moeten de afgesloten delen krimpen en “verdrogen”. 

Genoemde kleppen zijn ontwikkeld op diverse plaatsen in de wereld en zijn bekend bij diverse streekziekenhuizen:  Twente, Groningen, Tilburg, Leuven en meer. De deel van de meettechniek in Utrecht. De huidige scanmethode geeft een onjuist beeld van de werking van de long.

Een waarschuwing is op zijn plaats: bij te stug geworden longweefsel moeten niet te veel kleppen te gelijkertijd worden geplaatst. Met andere woorden naar mate de conditie van de patiënt slechter is moet de inbreng over meerdere cessies van steeds 20 minuten met tussenruimten van een maand of meer worden aangebracht ter voorkoming van een zogenaamde klaplong. Daar waar genoemde klaplong wel is voorgekomen was de flexabilitiet van de long(sectie) onvoldoende gebleken. Het longmateriaal kon de borstkas niet volgen. Beter driemaal één ventiel geplaatst dan in één keer drie ventielen tegelijkertijd.  

Met wat drukverschil en flowmetingen moet worden bepaald welke delen voor afsluiting in aanmerking komen. Rhöntgen fotos en correcte bodyscans verschaffen wellicht nog meer inzicht. 

 

Belangrijk: Reinigen van de longen voor de ingreep. 

De longen moeten voor de ingreep van vervuild slijm worden ontdaan. Dit voorkomt onnodig hoesten en het insluiten van infectieuze bronnen. Maar zeker ook na genoemde ingreep dienen de longen van longslijm te worden gereinigd.  Dit kan onder meer met droge, schone lucht. Doel: het in de tijd verzamelde, overbodig maar vervuilde slijm te verkruimelen, te breken en naar buiten af te voeren. Gedurende 3-4x 24 uur verblijf in droge(<8%) bacterie arme schone lucht is bij proefnemingen voldoende gebleken. Daarna resteren nog zeven dagen om aan te sterken en de laatste slijmafvoer te realiseren. Ook andere reinigingstechnieken zijn bekend, maar ik ben onvoldoende bekend met de effectiviteit van die technieken. De meerjarige ervaringen met lucht zijn zeer gunstig te noemen. Het is goed mogelijk dat er nog andere technieken zijn.

 Aan het einde van de eerder genoemde reinigingsperiode is de longslijmvliesmassa dermate in gewicht en volume afgenomen dat de trilharen weer hun normale taken aan kunnen. Met behulp van hoesten komen in verschillende brokken kleine en grote brokken van vervuild (groen, zwart en later helder) longslijmvlies los en naar buiten. En dus wordt de beschikbare lucht doorlaatdiameter groter. 

Deze brokken kunnen onder grote druk de aangebrachte ventielen van hun plaats drukken en schade aanrichten.  

 

Oplossing 3: Deze weg lijkt de eenvoudigste maar blijkt fataal te worden. Na fout meten van de bloedwaarden die tot 50% van de normaalwaarde gezakt was  en foute meetopstellingen van de bodybelastingen wordt voorbij gegaan aan genoemd chronisch bloedverlies wegens maagbloedingen door overdadige medicatie. conclusie de afweer is afgenomen u heeft verminderde gammaglobuline  Luchtwegverruimers moeten worden vermeden, zijn dodelijk, die laten veel meer vuil toe dan gewenst en leggen de afvoer van genoemd verzameld vervuild fijnstof lam. Dus niet gebruiken. Bij niets doen gaat de patiënt onnodig veel eerder dood. De longen immers raken ernstig vervuild door niet meer afgevoerd geïnhaleerd materiaal.

 

Longreiniging verhoogd de slaagkans aanzienlijk. 

In verschillende jaren is met longreinigen door ons uitvoerig geëxperimenteerd. De uitkomsten waren steeds goed. De piekflowwaarden verkregen bij praktijkproeven hebben stijgingswaarden van 100l/min naar 550 - 650l/min in enkele dagen laten zien bij verschillende proefpersonen in verschillende jaren, gedurende een tiental jaren. Bij een hernieuwde proef in 2008 bleek de goede werking opnieuw. Proeven werden uitgevoerd van januari, februari tot in april. Gedurende de periode daarna is niet meer nodig dan een lichte onderhoud infectiebestrijding. 1x drogen / reinigen per jaar kan dan voldoende zijn. Meer is beter. De periode okt –jan geeft meer slijmvorming wegens verzuurde lucht. De vervuiling slaat weer toe. Maar de daarvan ondervonden hinder is door het beter functioneren van de longen niet al te zeer belemmerend.

Goed herstel is mogelijk 

De patiënt kan als zodanig zeer goed / geheel herstellen met geen of maar geringe beperkingen omdat de resterende longdelen door voldoende ventilatie  en drukverschil weer normaal zuurstof aan het lichaam doen toekomen. Het overlijdensrisico is daarmee voor jaren lang sterk afgenomen. 

Na inbrengen: Met het gebruik van fotonen kan een goede onderhoudsmedicatie worden bereikt. De resultaten hiervan zijn zeer gunstig te noemen. de omschrijving vindt u elders op deze site.